Certificeer niet alleen wat je vandaag verkoopt

Een certificaat vermeldt welke producten of productrange onder de certificatie vallen. Dat lijkt vanzelfsprekend. Toch zie ik in de praktijk regelmatig dat die grens achteraf ruimer wordt geïnterpreteerd dan bij de oorspronkelijke certificatie is vastgelegd.

Een product lijkt technisch op het gecertificeerde model. De constructie is vrijwel gelijk. Alleen een uitvoering, component of specificatie wijkt af. De conclusie is dan al snel dat deze variant dus ook gecertificeerd is.

Zo werkt het niet.

Technische overeenkomst kan een belangrijke basis zijn om varianten gezamenlijk te beoordelen, maar maakt een product niet automatisch onderdeel van een bestaande certificatie. Daarvoor is bepalend wat binnen de certificatiescope is beoordeeld en vastgelegd. Juist daarom verdient die scope aandacht vóórdat de certificatie wordt aangevraagd.

Een eenvoudige wijziging kan nieuwe beoordeling vragen

Neem een armatuur dat in 3000 K wordt gecertificeerd. Na enige tijd blijkt dat er vraag bestaat naar hetzelfde armatuur in 4000 K. Mechanisch en elektrisch verandert er niets. Dezelfde productfamilie, dezelfde opbouw en hetzelfde type LED’s, maar een andere lichtkleur.

Toch kan die wijziging relevant zijn voor de certificatie.

Bij dezelfde LED-technologie neemt bij een hogere kleurtemperatuur het aandeel blauw licht toe. Voor de beoordeling van de blue-light hazard is de 4000 K-uitvoering daardoor kritischer dan de eerder beoordeelde 3000 K-uitvoering.

Wanneer alleen 3000 K binnen de oorspronkelijke certificatie is beoordeeld, dan is dus een aanvullende beoordeling of meting nodig voordat ook 4000 K onder de certificatie kan worden gebracht.

De technische wijziging is klein. Het gevolg voor de certificatie hoeft dat niet te zijn.

De vraag had eerder gesteld moeten worden

Stel nu dat bij de eerste aanvraag al bekend is dat het armatuur geleverd moet kunnen worden van 2000 K tot 6000 K. Dan ligt een andere aanpak voor de hand.

In plaats van uitsluitend de 3000 K-uitvoering te laten certificeren, wordt de gewenste range 2000–6000 K in de aanvraag opgenomen. Voor de relevante beoordeling wordt vervolgens de kritische uitvoering gekozen. Bij gelijkblijvend LED-type betekent dat voor blue-light hazard in de praktijk dat de hoogste kleurtemperatuur wordt beoordeeld.

De 6000 K-uitvoering wordt dus getest. Wanneer deze voldoet en de productrange overeenkomstig binnen het certificatieschema wordt vastgelegd, kan op het certificaat een bereik van 2000–6000 K worden opgenomen. Daarmee is niet alleen het toevallig beschikbare 3000 K-product gecertificeerd, maar de volledige vooraf bepaalde range.

Ontstaat later de vraag naar 4000 K, dan ontstaat geen nieuw certificatievraagstuk. Die uitvoering valt al binnen de beoordeelde scope. Dat betekent geen extra kosten en geen vertraging in aanbieden.

Dat verschil ontstaat niet door slimmer te testen, maar door vóór de test beter na te denken over wat gecertificeerd moet worden.

Certificatie wordt te vaak product voor product benaderd

Veel certificatieprojecten starten vanuit een concrete behoefte. Er is een nieuw product. Een klant vraagt om een keurmerk. Voor een aanbesteding is een certificaat nodig. Vervolgens wordt dat specifieke product aangeboden voor certificatie.

Daarmee wordt ongemerkt ook de scope bepaald. Pas wanneer later een andere uitvoering nodig is, wordt bekeken of die eveneens onder het certificaat kan vallen. Soms kan dat relatief eenvoudig worden toegevoegd. Soms zijn aanvullende testen nodig. In andere situaties blijkt dat een nieuwe certificatie of formele uitbreiding noodzakelijk is. Dat betekent dan vertraging en extra kosten.

Een deel daarvan is vermijdbaar. Niet door achteraf te stellen dat producten technisch vrijwel gelijk zijn, maar door vooraf de productfamilie te analyseren.

  • Welke uitvoeringen willen we de komende jaren kunnen leveren?
  • Welke parameters variëren?
  • Welke daarvan zijn relevant voor de certificatie?
  • Welke uitvoering vormt per beoordeling de kritische variant?
  • En hoe kan de gewenste range binnen het betreffende certificatieschema worden vastgelegd?

Dat zijn vragen die vóór de aanvraag thuishoren.

Een grotere scope betekent niet automatisch meer testen

Hier zit ook een belangrijke economische kant aan.

Een bredere certificatiescope betekent niet automatisch dat iedere variant afzonderlijk moet worden getest. Binnen productfamilies wordt juist gewerkt met representatieve of meest kritische uitvoeringen.

Het uitgangspunt is dan niet: alles testen, maar bepalen welke uitvoering aantoonbaar de zwaarste of meest relevante conditie vertegenwoordigt voor de betreffende eis.

Het voorbeeld met kleurtemperatuur laat dat goed zien. Wanneer dezelfde LED-familie wordt gebruikt en 6000 K voor blue-light hazard de kritische uitvoering vormt, heeft het weinig toegevoegde waarde om dezelfde beoordeling afzonderlijk bij 2000, 3000, 4000 en 5000 K te herhalen.

De kritische uitvoering wordt getest en de afgesproken range wordt binnen de certificatie vastgelegd. Daarmee kan één beoordeling een veel groter deel van de productportfolio afdekken.

De precieze mogelijkheden hangen uiteraard af van het certificatieschema en de technische verschillen tussen de producten. Maar het principe blijft hetzelfde: eerst bepalen welke scope nodig is en daarna vaststellen welke beoordeling nodig is om die scope te onderbouwen.

Certificatie als onderdeel van productstrategie

Daarmee is certificatie niet alleen een activiteit aan het einde van productontwikkeling. De gekozen certificatiescope bepaalt mede welke varianten later zonder aanvullende trajecten kunnen worden aangeboden. Dat raakt rechtstreeks aan productplanning, markttoegang en commerciële flexibiliteit.

Een certificaat voor precies één bestaande uitvoering kan op het moment van aanvraag de goedkoopste oplossing lijken. Wanneer een jaar later drie aanvullende varianten moeten worden toegevoegd, zal die keuze juist extra tijd en kosten veroorzaken.

Een bredere aanvraag is ook niet per definitie beter. Varianten opnemen die nooit worden verkocht heeft evenmin veel waarde.

Het gaat om een bewuste keuze.

Welke producten wil ik daadwerkelijk onder certificatie kunnen aanbieden en hoe kan ik die range technisch en formeel zo efficiënt mogelijk afdekken? Dat is een andere vraag dan alleen: welk product moeten we nu laten testen?

Wie die vraag vooraf stelt, vergroot de kans dat één certificatie ook werkelijk aansluit op de productportfolio waarvoor zij bedoeld is. En voorkomt dat bij iedere nieuwe klantvraag opnieuw moet worden uitgezocht of het certificaat eigenlijk wel van toepassing is.


Twijfel over rapporten, certificaten of technische onderbouwing?
Second opinion aanvragen of neem contact met ons op.

Quality and trust as the foundation for sustainable progress.